Zomerbrief van Hans Claus

Beste Ondertekenaar,

Sinds we op 30 november 2019 een schets voor een leefbare samenleving in zes krijtlijnen uittekenden, maak ik er een gewoonte van je een zomerbrief te sturen.

Dit jaar heb ik daar enige moeite mee. De zomerbrief heeft immers tot doel om de energie die van de Verklaring uitgaat even te doen oplaaien. Maar de stormachtige ontwikkelingen die we sinds het verkiezingsjaar 2024 wereldwijd doormaken en het oplaaiend geweld in de wereld stemmen eerder tot neerslachtigheid.

De polariserende uitslagen geven vleugels aan hen die harmonie in de weg staan en het geweld doet eerder geloven dat de mens er nooit in zal slagen een andere weg in te slaan.

Regelmatig bereiken me als behoeder van de Verklaring smeekbeden om de Ondertekenaars op te roepen tot verzet tegen oorlog en sociale afbraak. Sinds we ondertussen met een kleine duizend zijn, zien gedreven actievoerders in de Verklaring een potentieel platform voor een open brief of petitie.

Het valt me telkens zwaar om daar niet aan toe te geven, want ook mijn geweten zet me geregeld aan tot actie. Maar ik meen goede redenen te hebben om de Verklaring hier niet voor in te zetten.

De Verklaring wil immers zoals jullie in de verwelkomingsmail lazen geen politieke beweging zijn. Dat principe blijf ik rigoureus handhaven niet alleen omdat ik het jullie beloofd heb, maar vooral omdat ik geloof dat dit belangrijk is. Zonder de noodzaak tot verzet te willen ontkennen, moet er een ongehavende gemeenschappelijke droom blijven bestaan die niet de onvermijdelijke littekens van de strijd draagt !

De discussiegroepen waaruit de Verklaring is ontstaan, ontleenden hun energie aan de verontwaardiging over maatschappelijke ontwikkelingen die zeven jaar geleden al erg voelbaar waren en die zich nu in rotvaart aan het doorzetten zijn.

De bekommernis voor het klimaat is door oorlogsdreiging zelfs geheel naar de achtergrond verdreven.

De ecologische dreiging die van de steeds toenemende menselijke activiteit uitgaat zou ons tot goede wereldwijde afspraken om het rustiger aan te doen moeten aanzetten, maar in de plaats daarvan verliest die mensheid zichzelf in onderlinge strijd.

Het initiatief dat uitmondde in de Verklaring van 30 november ontsproot uit een hardnekkig verlangen om niet te blijven hangen in mainstream denken en in versleten oplossingen, maar om tot de kern van de zaak door te dringen.

Je kan de oververhitte samenleving en de spanningen die daaruit voort vloeien niet oplossen door de druk nog op te drijven, beseften we.

Je kan de eigen veiligheid niet verhogen door de ander nog verder van je weg te duwen.

Het is daarom van belang dat kritische stemmen en bewegingen de krachten bundelen door van een gedeeld waardenpatroon te vertrekken.

De Verklaring reikt dit patroon aan. Er rest ons geen andere optie dan om de krijtlijnen van de Verklaring met vuur en passie aan elkaar te blijven doorgeven. Laat ons onze organisaties en bewegingen ook uitnodigen om de Verklaring als een soort ethische code te erkennen.

Indien er in het maatschappelijk middenveld een gemeenschappelijke eis moet geformuleerd worden om de krachten te bundelen, laat het dan de eis zijn om tegen hetzelfde loon minder dagen en uren te moeten werken. Hoeveel tijd komt dan niet vrij om voor elkaar te zorgen ? Hoeveel zorgen worden er niet door uitgespaard ? Hoeveel deugd zou moeder natuur niet beleven aan een rustige mensheid ?

De krijtlijnen van de Verklaring hebben samen genomen tenslotte dat ene doel voor ogen : de mens die moet nog een eeuwigheid mee.

En de vooruitgang ? Die blijkt ons alvast geen vrede te brengen. Laat ons op dit punt wat we hebben misschien gewoon beter onder elkaar verdelen. Zijn we tenslotte geen sociale wezens en zou dat verdelen derhalve niet meteen tegemoet komen aan ons diepste verlangen, namelijk voor elkaar van betekenis te zijn ?

Een zomerse groet,
Hans

PS

° Een gedreven en veelzijdige groep geïnteresseerden binnen de Verklaring heeft zich het laatste jaar verdiept in hoe het Onderwijs er zou moeten uitzien in en voor een wereld zoals ze door onze krijtlijnen wordt uitgetekend. In het najaar mag je je aan een eerste schets van een heuse ‘Onderwijsverklaring’ verwachten.

° De zesde verjaardag van de Verklaring van 30 november vieren we met een tentoonstelling in de nagelnieuwe kunstgalerij van het Humanistisch Verbond in Antwerpen. De kunstzinnige Ondertekenaar die wil meedoen mag me wat foto’s doorsturen. Ik moet je waarschuwen en voor ontgoocheling behoeden. De ruimte is beperkt en mijn vrouw Ilse zal als strenge curator optreden, gewoon omdat ze een getalenteerde tentoonstellingbouwster is. Het is de bedoeling dat een artiest slechts 1 werk tentoon stelt. Liefst sluit dat werk natuurlijk zo nauw mogelijk aan bij de geest van de Verklaring.